Van inkoopmacht is sprake wanneer een inkoper zich in meer of mindere mate onafhankelijk kan gedragen ten opzichte van zijn leveranciers. In zo’n situatie kan de afnemer gunstigere inkoopvoorwaarden bedingen dan in de afwezigheid van inkoopmacht.

Inkoopmacht is marktmacht aan de inkoopzijde van de markt. Het bestaan van marktmacht hoeft op zichzelf niet direct het concurrentieproces te schaden. Inkoopmacht kan er bijvoorbeeld ook toe leiden dat consumenten profiteren van kortingen die bedongen zijn door een scherpe onderhandeling. Als supermarkten bijvoorbeeld gebruik zouden maken van inkoopmacht, dan is het van belang dat zij de voordelen daarvan ook doorspelen aan de consument. Als marktpartijen onderling weinig concurreren en hun inkoopvoordelen niet doorgeven, dan kunnen er problemen ontstaan.

De nationale en Europese mededingingsregels verbieden marktpartijen misbruik te maken van een economische machtspositie.